10-12-11

Terugblik op vrijdag 18 november - voordracht over risicoplanten voor mens en dier

Deze avond werd de voordracht gebracht door prof. M. De Cleene.

 

Wat zijn risicoplanten?

Risicoplanten zijn planten waarvan het innemen van een betrekkelijk kleine hoeveelheid zaad, wortel, blad, stengel, vrucht of sap inwendig of uitwendig schade kan toebrengen aan het menselijk of dierlijk organisme.

Geneeskrachtige werking

Vele giftige stoffen bezitten een geneeskrachtige werking, indien zij althans in minieme (therapeutische) doses worden toegediend. Een bekend voorbeeld is dat van atropine, een alkaloïdegif dat in wolfskers (Atropa belladonna) voorkomt.

Kans op vergiftiging

Het gevaar voor plantaardige vergiftigingen is reëel, maar mag zeker niet overdreven worden. De statistieken van het Antigifcentrum te Brussel tonen aan dat minder ernstige oproepen veel talrijker zijn dan tragische ongevallen, en dat het eerder gaat om kleine ongemakken, dan om ernstige letsels.

Giftigheid voor dieren

Velen zijn ervan overtuigd dat dieren instinctmatig aanvoelen welke planten zij wél en welke zij niet kunnen eten. In de praktijk blijkt dat echter lang niet altijd het geval te zijn. In de wei eten paarden en koeien bijvoorbeeld niet het zeer giftige vingerhoedskruid of herfsttijloos, zelfs niet als deze planten op grote schaal voorkomen.

Maar als dezelfde planten bij het hooien vermengd raken met het gras en de planten in gedroogde toestand tussen het hooi zitten, eten ze ze wel, met alle gevolgen van dien.

Voorbeelden (zie foto’s)

Helleborus, Narcissus, peperboompje, Arum italicum ‘Pictum’, Aconitum.

Andere voorbeelden

Hertshooi, de pit van abrikoos en perzik, gouden regen, de zaden van peterselie, berenklauw, oleander, datura, papaver, wonderboom, enz....

IMG_1104 Helleborus.jpgIMG_0068 Narcissus.jpgIMG_1168 peperboompje.jpgIMG_1213 Arum italicum 'Pictum'.jpgIMG_5442 Aconitum.jpg 

De commentaren zijn gesloten.